Procedure voor HET wijzigen van een reeds vergunde verkaveling

1. Samenstellen van het aanvraagdossier

De aanvraag om een verkaveling te wijzigen heeft enkel betrekking op het deel dat u in eigendom hebt. Een voorbeeld: Stel dat de verkaveling uit drie kavels bestaat en enkel de eigenaars van kavel 1 en 3 een verkavelingswijziging aanvragen, dan blijft de oorspronkelijke verkaveling gelden voor kavel 2. Eigenaars van meerdere kavels kunnen uiteraard samen een aanvraag indienen.

Het is niet wettelijk geregeld wie het dossier opmaakt. U mag dus zelf het dossier opstellen. De meeste mensen kiezen er echter voor om dit door een gespecialiseerd persoon te laten doen: een architect, een landmeter, een stedenbouwkundige... 
 
De dossiersamenstelling vindt u hier.

Alvorens zijn aanvraag in te dienen, verstuurt de eigenaar per beveiligde zending een afschrift van de aanvraag aan alle eigenaars van een kavel die de aanvraag niet medeondertekend hebben. De bewijzen van deze beveiligde zendingen worden op straffe van onontvankelijkheid bij het aanvraagdossier gevoegd.

De wijziging van de verkavelingsvergunning moet worden geweigerd als de eigenaars van meer dan de helft van de in de oorspronkelijke vergunning toegestane kavels een ontvankelijk, gegrond en op ruimtelijke motieven gebaseerd schriftelijk bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. Dat bezwaar moet worden ingediend binnen een vervaltermijn van dertig dagen, die ingaat vanaf de datum van overmaken van de beveiligde zending.


2. Indienen van het aanvraagdossier

U (of de persoon die uw dossier heeft opgesteld, als u hem daarvoor een volmacht geeft) dient de aanvraag op het gemeentehuis in. De aanvraag kan ook met een aangetekende brief worden verzonden. In sommige gemeenten zal men de aanvraag ook elektronisch of semi-elektronisch kunnen indienen.


3. Behandeling van de aanvraag in eerste aanleg

Hebt u uw dossier aan het loket afgegeven? U krijgt dadelijk een ontvangstbewijs.



3.a. volledigheidscontrole

De gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar of zijn gemachtigde gaat na of de vergunningsaanvraag ontvankelijk en volledig is. In niet-ontvoogde gemeenten die nog niet over een gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar beschikken, wordt dit ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek gevoerd door de gemeentelijke administratie.

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek wordt u bezorgd, normalerwijze binnen veertien dagen, ingaand de dag na deze waarop de aanvraag werd ingediend.

Het verdere verloop van de procedure in eerste aanleg en de beroepsprocedure gelden alleen ten aanzien van ontvankelijke en volledige aanvragen.


3.b. openbaar onderzoek

De aanvraag moet vaak aan een openbaar onderzoek worden onderworpen. Dit openbaar onderzoek komt bovenop de raadpleging van de andere eigenaars in de verkaveling (zie punt 1).

3.c. adviezen inwinnen

Soms moet de gemeente adviezen inwinnen over een wijziging van verkaveling.

De verplichte adviezen zijn vermeld in een besluit van de Vlaamse Regering.


3.d. advies van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar

In de ontvoogde gemeenten moet het advies van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar niet worden ingewonnen.
In de niet ontvoogde gemeenten moet over de meeste aanvragen het advies van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar worden ingewonnen.

Welke gemeenten ontvoogd zijn, vindt u hier.

Het advies van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar is bindend, als het negatief is of voorwaarden oplegt. Het wordt uitgebracht binnen een vervaltermijn van dertig dagen, ingaand de dag na deze van de ontvangst van de adviesvraag. Als deze termijn wordt overschreden, kan aan de adviesvereiste voorbij worden gegaan.



3.e. beslissing van het schepencollege

De gemeente zal uw aanvraag beoordelen, rekening houdend met:

de eventuele bezwaren
de eventuele adviezen
de voorschriften van gewestplan, bijzonder plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan
de mogelijke hinder voor de buurt (privacy, inkijk, bouwdiepte, terreinbezetting, ...).
Het college van burgemeester en schepenen neemt over de vergunningsaanvraag een beslissing binnen een vervaltermijn van honderdvijftig dagen.

De vervaltermijnen gaan in de dag na deze waarop het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek aan de aanvrager wordt verstuurd. Zij gaan echter steeds ten laatste in op de dertigste dag na deze waarop de aanvraag werd ingediend.

Indien geen beslissing wordt genomen binnen de vervaltermijn, wordt de aanvraag geacht afgewezen te zijn.

U krijgt een afschrift van de uitdrukkelijke beslissing of een kennisgeving van de stilzwijgende beslissing binnen een ordetermijn van tien dagen per beveiligde zending. 

Een mededeling die te kennen geeft dat de vergunning is verleend, wordt door u gedurende een periode van dertig dagen aangeplakt op de plaats waarop de ver­gunningsaanvraag betrekking heeft. U brengt de gemeente onmiddellijk op de hoogte van de startdatum van de aanplakking.

De gemeentesecretaris of zijn gemachtigde waakt erover dat tot aanplakking wordt over­gegaan binnen een termijn van tien dagen te rekenen vanaf de datum van de ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

De gemeentesecretaris of zijn gemachtigde levert op eenvoudig verzoek van elke belang­hebbende een gewaarmerkt afschrift van het attest van aan­plakking af.

Krijgt u een vergunning, dan mag u van de vergunning gebruik maken als u niet binnen vijfendertig dagen, te rekenen vanaf de dag van aanplakking, op de hoogte werd gebracht van de instelling van een administratief beroep.

Een door de gemeente gewaarmerkt afschrift van de vergunning en het bijhorende dossier ligt tijdens de duur van de werkzaamheden in uitvoering van de vergunning ter beschikking op de plaats die het voorwerp uitmaakt van de vergunning.



4. Beroep bij de deputatie

Alle tijdig ingestelde beroepen tegen beslissingen van het schepencollege schorsen de uitvoering van de vergunning.



4.a. door de aanvrager

U kunt als vergunningsaanvrager beroep instellen tegen elke beslissing van het schepencollege, ook tegen een stilzwijgende weigering.

De regeling van het beroep staat in artikel 4.7.21. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.


4.b. door derden

Er kan beroep worden ingediend door elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die rechtstreekse of onrechtstreekse hinder of nadelen kan ondervinden ingevolge de bestreden beslissing. En ook door procesbekwame verenigingen die optreden namens een groep wiens collectieve belangen door de bestreden beslissing zijn bedreigd of geschaad, voor zover zij beschikken over een duurzame en effectieve werking overeenkomstig de statuten.
De regeling van het beroep staat in artikel 4.7.21. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.



4.c. door administraties

De leidend ambtenaren van Ruimte Vlaanderen en van de instanties die een verplicht advies hebben uitgebracht kunnen beroep instellen tegen elke vergunning verleend door het schepencollege.

De regeling van het beroep staat in artikel 4.7.21. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.


4.d. de dossiervergoeding

Om ontvankelijk te zijn, dient bij het beroepschrift het bewijs van betaling van de dossiervergoeding gevoegd te zijn, behalve als het beroep uitgaat van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar, de adviesverlenende instanties of in geval van beroep tegen een stilzwijgende weigering.

De dossiervergoeding bedraagt 62,5 euro.

De dossiervergoeding wordt gestort op een rekening van de provincie. Vraag bij de provincie het juiste rekeningnummer en de op te nemen vermelding.

4.e. de hoorzitting

De betrokken partijen worden op hun verzoek door de deputatie gehoord (schriftelijk of mondeling).



4.f. de beslissing van de deputatie

De deputatie neemt haar beslissing binnen een vervaltermijn van vijfenzeventig dagen, die ingaat de dag na deze van de betekening van het beroep. Deze vervaltermijn wordt verlengd tot honderdvijf dagen, indien toepassing wordt gemaakt van het mondelinge of schriftelijke hoorrecht.

Indien geen beslissing wordt genomen binnen de toepasselijke vervaltermijn, wordt het beroep geacht afgewezen te zijn.

Een afschrift van de uitdrukkelijke beslissing of een kennisgeving van de stilzwijgende beslissing wordt binnen een ordetermijn van tien dagen gelijktijdig en per beveiligde zending bezorgd aan de indiener van het beroep en aan de vergunningsaanvrager. 

Een mededeling die te kennen geeft dat de vergunning is verleend, wordt door u gedurende een periode van dertig dagen aangeplakt op de plaats waarop de ver­gunningsaanvraag betrekking heeft. U brengt de gemeente onmiddellijk op de hoogte van de startdatum van de aanplakking.

De gemeentesecretaris of zijn gemachtigde waakt erover dat tot aanplakking wordt over­gegaan binnen een termijn van tien dagen te rekenen vanaf de datum van de ontvangst van de beslissing van het college van burgemeester en schepenen.

De gemeentesecretaris of zijn gemachtigde levert op eenvoudig verzoek van elke belang­hebbende een gewaarmerkt afschrift van het attest van aan­plakking af.

Van een vergunning, afgegeven door de deputatie, mag gebruik worden gemaakt vanaf de zesendertigste dag na de dag van aanplakking. Hetzelfde geldt voor de vergunning, afgegeven door het college van burgemeester en schepenen, waartegen het beroep door de deputatie stilzwijgend is afgewezen.



5. Beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen

De beroepen bij de Raad kunnen door volgende belanghebbenden worden ingesteld:

1° de aanvrager van de vergunning;

2° de bij het dossier betrokken vergunningverlenende bestuursorganen;

3° elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die rechtstreekse of onrechtstreekse hinder of nadelen kan ondervinden ingevolge de vergunningsbeslissing;

4° procesbekwame verenigingen die optreden namens een groep wiens collectieve belangen zijn bedreigd of geschaad, voor zover zij beschikken over een duurzame en effectieve werking overeenkomstig de statuten;

5° de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar;

6° de bij het dossier betrokken adviserende instanties.

De belanghebbende aan wie kan worden verweten dat hij een voor hem nadelige vergunningsbeslissing niet heeft bestreden door middel van het beroep bij de deputatie, wordt geacht te hebben verzaakt aan zijn recht om zich tot de Raad te wenden.

De beroepen worden ingesteld binnen een vervaltermijn van 45 dagen, die ingaat als volgt:

a) hetzij de dag na deze van de betekening, wanneer dergelijke betekening vereist is,

b) hetzij de dag na deze van de startdatum van de aanplakking, in alle andere gevallen;

De beroepen worden ingesteld bij wijze van verzoekschrift.

Voor meer informatie hierover, zie artikel 4.8.1. en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.



wat is het verschil met de afwijkingsregeling?

De individuele afwijkingsregeling is opgenomen in artikel 4.4.1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Ze luidt:

"In een vergunning kunnen, na een openbaar onderzoek, beperkte afwijkingen worden toegestaan op stedenbouwkundige voorschriften en verkavelingsvoorschriften met betrekking tot perceelsafmetingen, de afmetingen en de inplanting van constructies, de dakvorm en de gebruikte materialen.

Afwijkingen kunnen niet worden toegestaan voor wat betreft:

1° de bestemming;

2° de maximaal mogelijke vloerterreinindex;

3° het aantal bouwlagen."

De mogelijkheden om met een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning individueel af te wijken van verkavelingsvoorschriften zijn dus duidelijk beperkter dan de mogelijkheden om een verkavelingswijziging te verkrijgen.

Relevante regelgeving
  • Vlaamse Codex RO
  • ...
 © 2016 Ruimte Vlaanderen -