Logo Vlaamse Overheid en Ruimtelijke Ordening

Instrumentendecreet: stand van zaken

De opmaak van een instrumentendecreet kadert in het Vlaams Regeerakkoord. Daarin staat een omgevingsbeleid vanuit gebiedsgerichte realisaties voorop, in combinatie met een verbeterd instrumentarium.Het instrumentendecreet moet de nodige tools voorzien voor overheden en andere actoren die op het terrein met ruimtelijke ontwikkelingen bezig zijn, om te komen tot realisatie van hun ruimtelijke projecten.

Stand van zaken

De Vlaamse Regering keurde op 12 januari 2018 het instrumentendecreet principieel goed. Dit voorontwerp van decreet gaat nu naar de Vlaamse adviesraden en nadien naar de Raad van State. Daarna kan de Vlaamse Regering het decreet als ontwerp indienen bij het Vlaams Parlement.

Met dit voorontwerp van decreet geeft Vlaams minister van Omgeving Joke Schauvliege invulling aan het Vlaams Regeerakkoord waarin een omgevingsbeleid vanuit gebiedsgerichte realisaties in combinatie met een verbeterd instrumentarium voorop stond.

Inhoud van het voorontwerp van het instrumentendecreet van 12 januari 2018

De focus van het voorontwerp van decreet ligt op vereenvoudiging, transparantie en gebruiksvriendelijkheid. Essentieel is de aanbouwfilosofie van het decreet. De instrumentenkoffer uit het landinrichtingsdecreet van 2014 wordt zo verruimd met bestaande, verbeterde en nieuwe instrumenten. Nieuwe of later ontwikkelde instrumenten moeten op een later tijdstip een plaats kunnen krijgen in het decreet.

  • Harmonisering van instrumenten
    Het voorontwerp van decreet herleidt de bestaande compenserende vergoedingen tot een eigenaarsvergoeding (voor kapitaalsverlies) en een gebruikersvergoeding (voor inkomstenverlies).  De procedurele harmonisatie impliceert voor de planschadevergoeding een belangrijke overschakeling van een gerechtelijke naar een administratieve afhandelingsprocedure. De berekening van de eigenaarsvergoeding wordt in zijn geheel gezet op 100% van het waardeverlies en niet meer op 80%. Zo zal wie planschade lijdt bij bv. de omzetting van bouwgrond naar natuur, 100% vergoed worden i.p.v. 80%. Gelijktijdig wordt het maximale heffingspercentage voor planbaten opgetrokken van 30% naar 50%. Het instrumentendecreet beoogt eveneens de harmonisatie van verschillende sectorale koopplichten die al in de eigen regelgeving voorwaarden bevatten. Het gaat daarbij over de invulling van twee criteria, met name de ernstige waardevermindering van het onroerend goed en het ernstig in het gedrang komen van de leefbaarheid van de bestaande bedrijfsvoering.

  • Nieuwe instrumenten

    • Introductie van activiteitencontracten en –convenanten
      Hiermee wordt een oplossing beoogd voor tijdelijke kleinschalige en zonevreemde economische activiteiten die ruimtelijk aanvaardbaar zijn in bestaande en niet-verkrotte gebouwen in agrarische en parkgebieden. Dit systeem leunt veeleer aan bij een burgerrechtelijke benadering met een convenant (beleidsovereenkomst) en een individueel contract in plaats van de klassieke vergunningverlening. Met dit nieuw instrument wordt ingezet op het reconversievraagstuk van vrijgekomen agrarische gebouwen waar momenteel geen gebruikswaarde voor landbouw aanwezig is.

    • Verhandelen van ontwikkelingsrechten.  
      Daarbij worden beperkingen van ontwikkelingsmogelijkheden vergoed uit meerwaarden van winstgevende ontwikkelingen elders. Het voorontwerp van decreet biedt de decretale basis voor  een regionale toepassing van overdraagbare ontwikkelingsrechten.

    • Billijke schadevergoeding
      Dit is een schadevergoeding die de overheid zal moeten betalen aan eigenaars wanneer een vergunning om te bouwen of te verkavelen onuitvoerbaar wordt door een overheidsmaatregel. De overheidsmaatregel is van die aard dat ze tot een bouwverbod zal leiden.

  • Optimalisatie van bestaande instrumenten
    Het voorontwerp van decreet voorziet in verbeteringen van bestaande instrumenten. Zo wordt de afstemming tussen natuurinrichting en landinrichting, door de inzet van de instrumenten uit het decreet landinrichting mogelijk gemaakt ter uitvoering van een natuurinrichtingsproject. Daarnaast  worden in onbruik geraakte erfdienstbaarheden tot openbaar nut, opgeheven. Ook moet het decreet instrumenten aanpassen zodat overheden over bijkomende middelen beschikken om hun ruimtelijk beleid te realiseren. Het gaat om de lasten bij omgevingsvergunningen en de planbaten. Het voorontwerp van instrumentendecreet voorziet een grondige bijstelling voor de planbatenregeling, door een aangepaste berekeningswijze en grondslag.  

Achtergrond

Het Vlaams Regeerakkoord 2014-2019 is doordrongen van een streven naar vereenvoudiging en deregulering, een modernisering van het instrumentarium en een gebiedsgerichte en geïntegreerde aanpak in combinatie met een realisatiegericht instrumentarium. Daarom werken de Vlaamse Landmaatschappij, het agentschap Natuur en Bos, het departement Leefmilieu, Natuur en Energie en Ruimte Vlaanderen (vanaf 1 april 2017: Departement Omgeving) aan een instrumentendecreet.

Het instrumentendecreet heeft als doel

  • bestaande realisatiegerichte instrumenten te bundelen,
  • bestaande instrumenten te verbeteren,
  • en nieuwe regelgeving te ontwikkelen voor ontbrekende (realisatiegerichte) instrumenten. 

Op die manier willen we grondgebonden en realisatiegerichte instrumenten uit het beleidsdomein Omgeving decretaal samenbrengen, met een focus op vereenvoudiging, transparantie, afstemming, leesbaarheid en gebruiksvriendelijkheid.

Dit beleidsdomeinoverschrijdende project omvat twee grote onderdelen:

  • het instrumentendecreet, met een instrumentenbox en een toetsingskader
  • een instrumentengids als handleiding voor de gebruiker
Instrumentendecreet, met instrumentenbox en toetsingskader

Het instrumentendecreet wordt opgevat als een nieuw aanbouwdecreet. Dat betekent dat in een eerste fase wordt gewerkt rond een vaste set van “omgevingsinstrumenten”. Welke dat zijn, leest u in de conceptnota die de Vlaamse Regering op 13 mei 2016 goedkeurde. In een latere fase kunnen ook andere en later ontwikkelde instrumenten een plaats krijgen in het instrumentendecreet.

Bestaande, verbeterde en nieuwe instrumenten worden gebundeld in een instrumentenbox. Daarnaast wordt een niet-dwingend toetsingskader voorzien, waarin zowel regels worden opgenomen om instrumenten onderling af te wegen als harmoniseringsprincipes voor de instrumenten.

Een instrumentengids als handleiding voor de gebruiker

Gelijktijdig met het decreet ontwikkelen we een digitale instrumentengids. Die moet de gebruiker een transparant beeld te bieden van de instrumentenbox en duidelijkheid verschaffen over de aanwending en procedures van die instrumenten. Analoog aan de aanbouwfilosofie van het instrumentendecreet kan de instrumentengids in een latere fase worden uitgebreid met andere en niet-decretale realisatiegerichte instrumenten.